Tuchtklacht strandt volledig, ondanks felle kritiek op accountant

Klacht was bedoeld om munitie te verzamelen voor een lopend kort geding.

Een accountant die volgens zijn voormalige klant structureel tekortschoot, klanten onnodig op kosten joeg en zijn zorgplicht met voeten trad, valt volgens de Accountantskamer helemaal niets te verwijten. De tuchtrechters verklaren de klacht geheel ongegrond.

De klacht kwam van de directeur-eigenaar van een houdstermaatschappij van detacheringsbureaus voor wie de accountant van 2019 tot en met 2023 de jaarrekeningen en de vpb-aangifte van de holding verzorgde, evenals de ib-aangifte van klaagster zelf. Zij verweet hem onder meer foutieve conceptjaarrekeningen, zoals een onjuiste verwerking van de vennootschapsbelasting in een verlengd boekjaar en een verkeerde omzetomschrijving in de toelichting bij de jaarrekening 2022. Fouten die weliswaar werden hersteld, maar volgens haar met de merkwaardige toevoeging dat correctie ‘niet noodzakelijk’ zou zijn geweest.

Onvoldoende capaciteit

Daarnaast stelde klaagster dat het kantoor onvoldoende capaciteit had door de snelle groei van de praktijk, met als gevolg te hoge werkdruk en complexiteit. Ze vermoedde dat stagiaires werk deden waarvoor seniortarieven in rekening werden gebracht.

Ook wees ze op te laat ingediende fiscale aangiftes, die de holding op bijna 14.000 euro aan boetes en rente kwamen te staan. Toen de samenwerking in 2024 strandde en klaagster voorstelde de zaak voor te leggen aan de Raad voor Geschillen, weigerde de accountant dat. Voor haar reden om alsnog naar de rechter te stappen.

Geen enkel bewijs

De advocaat van de accountant, Marc Hevelmans, betoogde in april tijdens de zitting dat er geen enkel bewijs lag voor de klachten over de kwaliteit van het werk. Voor de gestelde schade door te late aangiftes moest klaagster volgens hem trouwens niet bij de Accountantskamer zijn, maar bij de Raad van Tucht van de Nederlandse Orde van Belastingadviseurs, omdat een fiscalist van het kantoor daarvoor verantwoordelijk was.

De advocaat suggereerde bovendien dat de klacht vooral was bedoeld om munitie te verzamelen voor een lopend kort geding.

De Accountantskamer volgt die lijn goeddeels. Voor de gang naar de rechter in plaats van naar de Raad voor Geschillen geldt volgens de tuchtrechters dat klaagster daar zelf mee heeft ingestemd: de algemene voorwaarden van het kantoor sloten een procedure bij de Raad voor Geschillen uit, en klaagster is daarmee akkoord gegaan bij het verstrekken van de opdrachten. Van iets verwijtbaars is dan ook geen sprake.

Voor het overige oordeelt het tuchtcollege dat de klacht onvoldoende is onderbouwd.

Gerelateerde artikelen