Plotselinge schuld is volgens accountant prima te verklaren, maar klager ziet ‘onvoldoende actie’
Opeens duikt een openstaande schuld aan de Belastingdienst op van ruim 33.000 euro. De ondernemer vraagt zijn accountant om opheldering maar zegt vrijwel tegelijk de opdracht op. “De erkenning dat u te veel betaald heeft, krijgt u niet van de Accountantskamer, ” waarschuwt de tuchtrechter.
Het administratiekantoor waar de ondernemer eerst bij zat, heeft er een rommeltje van gemaakt. Met dat vermoeden stapt hij met zijn eenmanszaak en BV’s over naar een accountant. Alleen zijn verwachting wat die accountant voor hem zou doen, strookt niet met hoe de beklaagde accountant dat ziet. “Ik heb hem gezegd: als je wil dat ik het werk van het administratiekantoor ga onderzoeken op malversaties dan moet je daar een ander voor zoeken. Hij zei ‘dan doe ik ze een proces aan de broek‘ en daar wil ik mijn werk niet voor gebruiken.”
Belastingschuld onder post ‘crediteuren’
Toen de accountant zijn werk begon, ontdekte hij na verloop van tijd dat de btw-schuld door het administratiekantoor onder de post Crediteuren stond. Vervolgens stuurt de Belastingdienst in 2025 een brief waaruit blijkt dat nog 33.000 euro voldaan moet worden. “Ik had twijfels over de eerder gevoerde administratie en de accountant zei dat hij informatie zou opvragen”, zegt de klagende ondernemer. “Ik vertrouwde erop dat hij dat werk zou uitvoeren en mij erover zou informeren.”
Toen hij met die brief van de Belastingdienst naar de accountant stapte, had die geen verdere informatie over de opbouw van die btw-bedragen. “In mei 2024 had hij al vastgelegd dat bepaalde btw-boekingen niet verklaard konden worden. En dat hij nadere informatie zou opvragen, maar dat had hij in 2025 dus niet gedaan.”
Reconstructie van de volledige administratie
De klager verwachtte geen reconstructie van de volledige administratie, maar wel dat als de accountant constateert dat een belangrijke balanspost niet verklaard kan worden en dat hij hem de gevolgen daarvan zou uitleggen. Uiteindelijk voldeed de ondernemer de belastingschuld “terwijl voor mij onduidelijk was of die historische posten wel juist waren opgebouwd”. Hij meent te veel betaald te hebben. “Ik ging juist naar de accountant omdat ik twijfels had over de administratie. Hij heeft onvoldoende actie ondernomen.”
De accountant had geen verweer, anders dan de schriftelijke uitwisseling tussen partijen die buiten de openbaarheid is gevoerd. Uit zijn antwoorden op vragen van leden van de Accountantskamer blijkt dat hij ontdekte dat de btw-schuld jarenlang onder de post Crediteuren was geboekt en zo dus aan het oog van de Belastingdienst was onttrokken.
Opdracht al opgezegd
Opvallend is dat uit een gespreksverslag blijkt dat de accountant toezegde de btw te gaan onderzoeken. Maar een paar dagen ervoor had de ondernemer de opdracht al opgezegd, wat weer niet in dat verslag staat. “Het is jammer dat ik het conceptverslag gestuurd heb”, zegt de accountant. Want in zijn definitieve verslag, dat in het dossier ligt, staat dat de opdracht beëindigd was. Ook een complicerende factor is dat de accountant zijn werk overdroeg aan een ander kantoor.
Dat de ondernemer nog 33.000 euro aan de Belastingdienst moest betalen, daarover heeft de tuchtrechter geen vragen. Voor jaren stond er geen noemenswaardige btw-schuld op de balans omdat die onder de ‘rook van Crediteuren’ verstopt zat, legt de voorzitter uit. De accountant zette het wel juist op de balans en die schuld moet ook gewoon betaald worden.
Een uitspraak volgt over 12 weken, tenzij beide heren er met een kop koffie alsnog uitkomen. De accountant is ook al niet meer in functie.
Een goede klantrelatie begint met een bewuste afweging van kansen en risico’s. Je leert risico’s rondom cliënten en opdrachten herkennen, beoordelen en beheersen, o.a. cliëntacceptatie en cliëntcontinuatie.