De Innovatiebox wordt beter toegankelijk gemaakt voor het mkb
De huidige Innovatiebox blijft zoals die is, ondanks dat grote bedrijven er onevenredig veel voordeel mee behalen. Voor alle winsten die bedrijven behalen met innovatieve activiteiten waarvoor een S&O-verklaring is afgegeven, geldt een vennootschapsbelasting van 9 procent.
De regeling ligt onder vuur, mede omdat uit onderzoek van SEO naar voren komt dat er veel Amerikaanse bedrijven profiteren van de regeling. Toch wil het kabinet de regeling handhaven omdat die innovatie, R&D en het vestigingsklimaat stimuleert. Volgens het kabinet doen ondernemingen die flink profiteren van de Innovatiebox veel R&D-investeringen en spelen ze een rol spelen in innovatie-ecosystemen.
De regeling zou per saldo positief uitwerken op de economie, zo is de argumentatie.Winst komt alleen in aanmerkinbg voor de Innovatiebox als die samenhangt met zelf ontwikkelde innovatie en voldoende activiteiten in Nederland. Verplaatst een bedrijf activiteiten grotendeels naar het buitenland, dan neemt de winsttoerekening aan Nederland af. Daardoor krimpt in de praktijk ook het innovatieboxvoordeel.
Wel wil het kabinet wel kijken hoe de toegang eenvoudiger kan, met extra aandacht voor kleinere bedrijven. De wet maakt onderscheid tussen kleinere en grotere belastingplichtigen. Dat verschil bepaalt vooral welk toegangsticket nodig is voor de innovatiebox.
Een onderneming valt in de categorie van kleinere belastingplichtigen als over het boekjaar van beoogd gebruik plus de vier voorafgaande jaren het brutovoordeel uit immateriële activa onder de 37,5 miljoen euro blijft en de (netto)omzet binnen de groep onder de 250 miljoen euro blijft. Voor deze groep is een S&O-verklaring (WBSO) het centrale toegangsticket.
Grotere belastingplichtigen hebben naast de S&O-verklaring ook een extra juridisch ticket nodig, zoals een octrooi, kwekersrecht of programmatuur.