Deloitte: Volgende fase AI gaat meer over organisatie dan over technologie
Hoewel AI bij 81 procent van de organisaties leidt tot snellere besluitvorming en uitvoering, verandert de technologie de manier waarop bedrijven werken nog maar beperkt. Slechts een kwart van de organisaties heeft het bedrijfsmodel ingrijpend aangepast. Dat blijkt uit het nieuwste rapport van Deloitte, dat de ontwikkeling van AI binnen bedrijven wereldwijd in kaart brengt.
Organisaties zetten steeds vaker AI in voor hun dagelijkse bedrijfsvoering. De fase van experimenteren maakt geleidelijk plaats voor grootschaliger toepassingen. Toch blijft de daadwerkelijke transformatie van organisaties achter bij de snelheid waarmee AI wordt ingevoerd, constateert Deloitte. Het internationale rapport is gehouden onder 3.500 leidinggevenden in 25 landen en zes sectoren. Zij zijn rechtstreeks betrokken bij de AI-initiatieven van hun organisaties. Het rapport onderzoekt hoe AI de bedrijfsvoering verandert, waar organisaties waarde realiseren en welke uitdagingen leidinggevenden tegenkomen bij de verdere toepassing van de technologie.
AI vooral voor bestaande processen
AI zorgt bij een groot deel van de organisaties voor efficiëntiewinst. Zo meldt 81 procent van de ondervraagde bedrijven dat besluitvorming en uitvoering sneller verlopen dankzij AI. Die versnelling leidt echter niet automatisch tot een andere manier van werken. In veel gevallen wordt AI vooral gebruikt om bestaande processen te optimaliseren.
Slechts 25 procent van de organisaties zegt het bedrijf al ingrijpend te veranderen met behulp van AI. Volgens Jorg Schalekamp, AI Lead bij Deloitte Nederland, ligt daar een belangrijke uitdaging. “AI maakt processen sneller, maar sneller werken is nog geen transformatie. De echte uitdaging is niet nóg een taak versnellen, maar bepalen welke processen je van begin tot eind opnieuw moet inrichten. Pas als mensen en technologie daarin goed samenwerken, levert AI echte verandering en waarde op.”
Inzicht in AI-kosten blijft achter
Een andere uitdaging is het inzicht in de kosten van AI. Hoewel steeds meer organisaties hun totale AI-uitgaven bijhouden, ontbreekt het regelmatig aan inzicht in de factoren die deze kosten veroorzaken.
Uit het onderzoek blijkt dat 71 procent van de organisaties de totale uitgaven aan AI-inferentie en API’s monitort. Het tokenvolume wordt door 51 procent bijgehouden. Slechts 44 procent heeft inzicht in de kosten per inferentie-eenheid.
Weinig zicht op rendement
Dat verschil maakt het lastig om vast te stellen welke toepassingen daadwerkelijk voldoende rendement opleveren. Naarmate AI-investeringen toenemen en toepassingen complexer worden, wordt inzicht in de kosten per werkproces belangrijker.
Deoitte wijst erop dat organisaties niet alleen naar de totale AI-rekening moeten kijken. Ook de kosten per eenheid en de waarde die daar tegenover staat, zijn volgens Deloitte bepalend. Leidinggevenden die de kosten van werkprocessen kunnen koppelen aan de opbrengsten en deze inzichten gebruiken om de organisatie opnieuw in te richten, zouden volgens Deloitte beter kunnen sturen op rendement en AI op een duurzame manier opschalen.
Omzetgroei door AI neemt toe
De financiële opbrengsten van AI worden niet altijd direct zichtbaar. Productiviteitsverbeteringen en kostenbesparingen kunnen relatief snel optreden, terwijl de impact van AI op omzetgroei doorgaans meer tijd vergt.
Toch zijn er tekenen dat AI steeds vaker bijdraagt aan commerciële resultaten, meldt Deloitte. Inmiddels meldt 28 procent van de ondervraagde organisaties omzetgroei dankzij AI. In het Deloitte-onderzoek van januari lag dat aandeel nog op 20 procent.
De resultaten suggereren dat organisaties AI niet langer uitsluitend inzetten om efficiënter te werken. Ook toepassingen die nieuwe mogelijkheden voor groei en waardecreatie opleveren, winnen terrein.
Functies in enige mate aangepast
De inzet van AI heeft ook gevolgen voor de inrichting van organisaties en de verdeling van werkzaamheden. Zestig procent van de ondervraagde organisaties heeft functies in ten minste enige mate aangepast aan de mogelijkheden van AI.
Een ingrijpende verschuiving in beslissingsbevoegdheden blijft echter beperkt. Slechts 15 procent meldt dat AI heeft geleid tot een aanzienlijke verandering in de bevoegdheden om besluiten te nemen. Medewerkers beschikken door AI mogelijk over betere informatie en kunnen sneller beslissingen voorbereiden. Dat betekent echter niet dat zij ook meer ruimte krijgen om zelfstandig te handelen, aldus Deloitte.
Om AI goed in de organisatie te integreren, moeten bedrijven daarom verder kijken dan het aanpassen van afzonderlijke functies. Ook rollen, verantwoordelijkheden, goedkeuringsprocedures en beslissingsbevoegdheden moeten mogelijk opnieuw worden ingericht. Daarbij moet duidelijk worden welke taken bij medewerkers blijven en welke aan AI-systemen kunnen worden overgedragen.
Meer eisen aan toezicht
Naarmate AI-systemen zelfstandiger worden, nemen ook de eisen aan toezicht en verantwoordelijkheid toe, aldus een andere conclusie van Deloitte. Veertig procent van de ondervraagde organisaties laat AI inmiddels in enige mate zelfstandig besluiten nemen of acties uitvoeren zonder voorafgaande menselijke goedkeuring.
Tegelijkertijd blijkt de verantwoordelijkheid bij fouten of ongewenste uitkomsten niet altijd duidelijk geregeld. Zo geeft 23 procent van de respondenten aan dat binnen de organisatie onduidelijk is wie verantwoordelijk is wanneer een AI-systeem een negatieve uitkomst veroorzaakt. Dat maakt governance en veiligheid tot belangrijke voorwaarden voor verdere opschaling, concludeert Deloitte. De benodigde maatregelen moeten aansluiten bij de mate van zelfstandigheid van een AI-systeem en de mogelijke gevolgen van zijn handelen.
Een AI-toepassing die uitsluitend aanbevelingen doet, vraagt immers om een andere vorm van toezicht dan een systeem dat zelfstandig operationele acties uitvoert, aldus Deloitte.
Andere bedrijfsvoering
Het onderzoek laat zien dat organisaties steeds meer ervaring opdoen met AI en dat de technologie aantoonbare voordelen oplevert. Tegelijkertijd blijft de stap naar een fundamenteel andere bedrijfsvoering voor veel bedrijven nog uit.
De volgende fase vraagt daarom om meer dan investeringen in technologie. Organisaties moeten ook hun werkprocessen, kostenstructuren, functies en verantwoordelijkheden opnieuw beoordelen. Daarnaast moeten governance en toezicht meegroeien met de toenemende zelfstandigheid van AI-systemen.
De centrale uitdaging verschuift daarmee van de vraag waar AI kan worden ingezet naar de vraag hoe de technologie structureel kan bijdragen aan groei, productiviteit en concurrentievermogen.
Eendaagse training over een doordachte GenAI-veranderstrategie: van hype naar concrete toepassing, met oog voor de menselijke kant van verandering en een heldere roadmap.