In de jacht op een miljoen achterstallig loon zijn de pijlen gericht op drie accountants
Een voormalig medewerkster van een zorgpraktijk in Limburg zou 965.000 euro aan achterstallig loon en omzetprovisie tegoed hebben. Drie accountants wordt niet alleen verweten het loon onjuist in de jaarrekening verwerkt te hebben, ook ‘werkten ze mee aan fraude met coronasteun’.
“Waarom zou ik het tuchtrecht willen misbruiken? Ik ben er ook niet op uit om deze accountants te beschadigen.” Aan het woord is de klager die samen met een baliemedewerkster tussen 2013 en 2022 bij Mondzorg Schimmert werkte. De klager wordt door de advocaten van de aangeklaagde accountants verweten dat hij via het tuchtrecht stukken probeert te achterhalen, om in het hoger beroep in een civiele zaak sterker te staan tegenover de voormalig eigenaar van Mondzorg Schimmert.
Claim afgewezen
Want de klager en de voormalig baliemedewerkster haalden bakzeil in een civiele zaak bij de rechtbank Limburg. Haar claim op 965.000 euro werd afgewezen. Dat ze fors overgewerkt zou hebben, werd niet met stukken onderbouwd, staat in de uitspraak te lezen. Dat haar ook een percentage van de omzet betreffende mondreiniging zou zijn toegezegd, blijkt evenmin uit de stukken.
De rechter stelde eerder al vast dat de medewerkster pas in 2022 stelde dat ze achterstallig loon tegoed had. “Op dat moment was haar vordering voor wat betreft het loon in 2013 reeds verjaard”, schrijft de rechter in het oordeel.
Op de rekening van de directeur-grootaandeelhouder
De vraag is ook of de klachten tegen de drie accountants niet te laat zijn gediend. De klager meent van niet. Pas in de procedure die in 2024 begon, kwam hij er achter wat er allemaal was misgegaan. Zo is loon dat de medewerkster had moeten hebben, op de rekening van de directeur-grootaandeelhouder geboekt. De dga zei hierover in de procedure dat hij daartoe geen opdracht heeft versterkt. De klager wil weten van de accountants waarom ze dan toch die boeking gedaan hebben.
Advocaat Veerle Zandvliet verwijst ook naar de procedure bij de rechtbank Limburg. “De eisen van klagers zijn integraal afgewezen. Verweerders waren in die zaak geen partij.” Je kunt niet via de Accountantskamer alsnog proberen om in die kwestie je gelijk te halen, zegt zij.
Tuchtrecht als instrument
De klager vroeg op dwingende wijze stukken op bij de accountants en dreigde meteen al met een stap naar de tuchtrechter. “Het tuchtrecht is niet bedoeld om in te zetten als instrument om tien jaar later informatie van accountants te krijgen voor gebruik in een lopende procedure.”
Ook waren de feiten bij de klagers al jaren bekend. Een van de drie accountants stelde de jaarrekening samen. “Hem is niet gevraagd te controleren of de omzet was gemaakt en of salaris was uitbetaald.” Die uitbetaling is sowieso al iets tussen de directeur en klagers.
Omzet die er niet was
De klager verwerkte de administratie. Dat is opvallend, zeker gezien zijn verwijt van vermeende fraude. Zo werd coronasteun aangevraagd op basis van omzet die er niet was, stelt hij. “Dus die subsidie is aangevraagd op basis van omzetcijfers die u ingeboekt heeft. Nu zegt u: die door mij geboekte omzet klopt niet”, vraagt de voorzitter hem. De klager wil juist de onderste steen boven. Omdat hij niet bij een eventuele fraudezaak betrokken wil worden.
De verdediging besloot geen stukken ter onderbouwing naar de Accountantskamer te sturen, omdat ze vermoedt dat het de klager louter om die stukken te doen is. De advocaten willen niet dat die stukken in andere procedures gaan rondzwerven. “Maar we vragen ook aan accountants zich toetsbaar op te stellen. Dit maakt het controleren van uw verweer moeilijk”, zegt een lid van de Accountantskamer.
Leer hoe je signalen van fraude en integriteitsschendingen herkent, gesprekken voert en de (eerste) stappen zorgvuldig bepaalt om adequaat en toetsbaar te handelen.