Tuchtrechter: ex-accountant ten onrechte beschuldigd van misleiding en aannemen zwart geld

De tuchtrechter laat echter niets heel van deze verwijten.

Hij zou zich voorgedaan hebben als advocaat, diende tegengestelde belangen en hij zou 20.000 euro in contanten hebben aangenomen zonder daarvoor een kwitantie te willen geven. De tuchtrechter laat echter niets heel van deze verwijten. Geen van de klachten tegen oud-accountant Sam Bharatsingh zijn gegrond.

Ex-advocaat Sam Bharatsingh kreeg landelijke bekendheid in zijn rol als advocaat van honderden zwartspaarders. De Raad van Discipline schrapte hem in 2020 als advocaat wegens vermeende belangenverstrengeling. Hij ging door als accountant en kwam ook in die rol voor de tuchtrechter. Begin vorig jaar werd hij voor twee maanden doorgehaald. In die zaak loopt het hoger beroep nog, meldt hij zelf.

Later dat jaar liet hij zich als accountant uitschrijven. Toch verscheen hij eind dat jaar opnieuw voor de Accountantskamer voor feiten die dateren van voor die uitschrijving.

Fraudulesu handelen
Die klacht is ingediend door een vrouw die in scheiding ligt en frauduleus handelen door haar ex vermoedt. Ze neemt Bharatsingh in de arm. Hij haalt zijn dochter erbij voor juridische ondersteuning. Zij is immers advocaat, dat is hij niet meer. Zij neemt de opdracht aan en huurt vervolgens haar vader als financieel expert in.

“Mijn vader zal u in de financiële afwikkeling van de gemeenschap begeleiden. Mocht procederen nodig zijn, dan wel een advocaat benodigd zijn, dan sta ik uiteraard tot uw beschikking en zal ik weer inspringen in de zaak”, schrijft ze in januari 2023 aan de klaagster. Per 16 maart zegt de klaagster de samenwerking op. Vervolgens krijgt de klaagster een naar haar mening te forse rekening opgestuurd van ruim 10.800 euro. Daarvan heeft ze volgens die rekening 10.000 euro al als voorschot betaald.

Vakbekwaamheid
Bharatsingh meent dat de klachten niet-ontvankelijk zijn omdat hij niet als accountant is opgetreden. Hij zegt geen werkzaamheden te hebben uitgevoerd waarbij vakbekwaamheid als accountant nodig is. Hij heeft echter werk verricht met betrekking tot de financiële afwikkeling van de scheiding en dat maakt naar het oordeel van de tuchtrechter dat er wel degelijk sprake is van werkzaamheden waarbij hij zijn vakbekwaamheid als accountant heeft aangewend.

Hierin gaat de Accountantskamer dus niet mee in het verweer van de beklaagde. Anders ligt dat als de Accountantskamer de klacht inhoudelijk behandelt. Het grootste verwijt is wellicht het aannemen van een contante betaling van 20.000 euro. Volgens klaagster stelde de accountant dat de opdracht 30.000 euro zou kosten, waarvan ze via de bank 10.000 euro voorschot betaalde en het restant contant op kantoor overhandigde.

Kwitantie geweigerd
Omdat de beklaagde weigerde hiervan een kwitantie te overhandigen, zou hij niet transparant en integer hebben gehandeld. Dat mevrouw hier geen kwitantie van heeft, ligt aan het feit dat ze die 20.000 euro nooit betaald heeft, betoogt de accountant. Het is aan de klaagster om deze klacht te onderbouwen en dat heeft ze niet gedaan, stelt de tuchtrechter.

“Zo kon zij onder meer niet concreet aangeven wanneer de beweerdelijke betaling aan betrokkene heeft plaatsgevonden. Haar verklaring ter zitting dat dit ‘na 13 januari 2023’ was, is onvoldoende concreet”, zo oordeelt de Accountantskamer. Ook was ze onduidelijk over de herkomst van dat geld. Eerst zou het gaan om haar volledige spaargeld, later zei ze dat ze hiervoor een de overwaarde van haar huis te gelde heeft gemaakt.

Conflicterende belangen
Dat de ex-accountant zich in deze kwestie als advocaat heeft voorgedaan, acht de tuchtrechter evenmin onderbouwd. Hij zou zich onder meer tegenover de Rabobank onder die functie kenbaar hebben gemaakt, maar ook hiervan levert de klaagster geen onderbouwing. Dat de accountant tegelijk conflicterende belangen diende, is evenmin bewezen.

“Het enkele feit dat betrokkene zijn dochter heeft geadviseerd, maakt niet dat sprake is van een belangenverstrengeling. De dochter en betrokkene hebben geen tegengesteld belang”, aldus de tuchtrechter in het oordeel. Geen van de klachten treffen doel, oordeelt de tuchtrechter.

Gerelateerde artikelen