RA op de vingers getikt om ongevraagde verhoging management fee
De Accountantskamer heeft een registeraccountant berispt omdat hij bij zijn controle onvoldoende heeft onderzocht of aan de verhoging van de managementvergoedingen een rechtsgeldig aandeelhoudersbesluit ten grondslag lag. Vier andere klachtonderdelen werden ongegrond verklaard.
De klacht was ingediend door Sam van Doorn, de 81-jarige grootaandeelhouder van het in 1831 opgerichte Amsterdamse vermogensbeheerbedrijf B.A. van Doorn. Hij verweet de accountant onder meer dat de directeur van het bedrijf, die via zijn vennootschap eveneens de helft van de aandelen houdt, tussen 2017 en 2020 zijn jaarlijkse bezoldiging meermaals verhoogde van 250.000 naar 400.000 euro, zonder dat daarvoor volgens klager zijn toestemming was verkregen. De accountant had volgens hem moeten controleren of deze verhogingen voldeden aan de wettelijke en statutaire vereisten.
Het tuchtcollege volgt Van Doorn op dit punt. Volgens de tuchtrechters heeft de accountant nagelaten te controleren of aan de verhoging van de managementvergoeding een rechtsgeldig besluit ten grondslag lag. Daarmee heeft hij volgens de uitspraak “geen zichtbare invulling gegeven aan een professioneel-kritische beoordeling van de in de jaarrekening opgenomen managementvergoeding en genoegen genomen met ontoereikende controle-informatie”.
Dat levert volgens het college een schending op van het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid. Om die reden krijgt de accountant een berisping.
Op de overige vier klachtonderdelen werd de accountant vrijgesproken. Van Doorn stelde onder meer dat de jaarverslagen door een herrubricering geen goed inzicht gaven in de personeelskosten en dat advieskosten onjuist waren verwerkt. Ook klaagde hij dat door de vermogensbeheerder ingeschakelde zzp’ers in strijd met het provisieverbod op provisiebasis zouden zijn betaald. Volgens de advocaat van klager zou daarmee een ongeoorloofd verdienmodel zijn ontstaan.
De tuchtrechters gingen niet mee in die verwijten. De AFM had eerder al geconcludeerd dat geen sprake was van een overtreding van het provisieverbod. Ook de andere bezwaren leverden volgens de Accountantskamer geen tuchtrechtelijk verwijt aan het adres van de accountant op.
De tuchtzaak speelt tegen de achtergrond van een hoogoplopend conflict tussen de aandeelhouders van de vermogensbeheerder. Van Doorn ligt al geruime tijd in de clinch met mede-aandeelhouder NMS Beheer over de verkoop van zijn aandelen. De Ondernemingskamer heeft inmiddels een deskundige benoemd om de waarde van die aandelen vast te stellen.
Volgens de advocaat van de accountant wordt het aandeelhoudersconflict daarmee ook over de rug van de accountant uitgevochten. De Accountantskamer beperkte zich echter tot de vraag of de accountant zijn controlewerkzaamheden naar behoren had uitgevoerd en oordeelde dat dit op het punt van de managementvergoeding onvoldoende het geval was.