Klacht over aandelentransactie krijgt staartje: rechtbank wil getuige horen

Eerder werd een klacht door de Accountantskamer nog ongegrond verklaard.

Een ondernemer meent door onzorgvuldig boekenonderzoek door een accountantskantoor bij een aandelentransactie bijna 4 ton te hebben verloren. Via de rechtbank heeft hij nu afgedwongen dat een medewerker van het kantoor als getuige gehoord wordt. Eerder werd een klacht door de Accountantskamer nog ongegrond verklaard.

De ondernemer wil zijn schade vergoed hebben. Dat is, heel kort door de bocht, de reden dat hij opnieuw naar de rechter stapt. De zaak draait om de exit van de mede-aandeelhouder van de klager en de overname van die aandelen door een derde partij.

Opdracht voor boekenonderzoek
In 2022 vonden twee aandelentransacties plaats waarvoor accountantskantoor Moore MKW de opdracht kreeg om boekenonderzoek te doen. Het was de overnemende partij die de equity bridge had berekend, de vertaling van de bedrijfswaarde naar een verkoopprijs waarbij schulden in mindering worden gebracht.

Moore MKW “ging kritiekloos akkoord met die cijfers”, zo werd de accountant vorig jaar in de tuchtzaak verweten. De registercontroller, die onder zijn verantwoordelijkheid werkte, zou later hebben bekend iets over het hoofd gezien te hebben.

Schuld van de BV
Wat had hij dan gemist? De dividenduitkering van de holding aan de BV had verrekend, moest worden verrekend met de schuld van de BV aan de holding. Dat had de ondernemer namelijk ruim 386.000 euro gescheeld. Volgens de Accountantskamer blijkt niet uit de opdracht dat het accountantskantoor de ondernemer hier, dus buiten die opdracht om, op had moeten wijzen. Mede daarom is de tuchtklacht afgewezen.

De ondernemer wil echter geld zien. Om in zijn zaak rond de aansprakelijkheid sterker te staan, wil hij dat twee medewerkers van het accountantskantoor voor de rechter getuigen. De rechtbank in Overijssel stemt nu in met het verhoor van een van hen.

Nalatige medewerker
De medewerker die moet getuigen, is volgens de ondernemer nalatig geweest bij de beoordeling van de fund flow en de equity bridge. Hij keurde de cijfers goed terwijl hij ervoor nog een kritische opmerking had gemaakt over de voorziening niet verdiende provisies.

Waarom vindt de rechtbank dat hij gehoord moet worden? De voorziening ‘niet-verdiende provisies’ vond de medewerker, gezien de lange termijn ervan, “vrij assertief”. Hij schreef een paar dagen later dat hij de berekeningen over de equity bridge en fund flow door Deloitte snapt en dat hij “de input kan herleiden aan de brondata”. Volgens de ondernemer gaf hij hiermee akkoord aan die berekeningen.

Ontkenning van schuld
Dit wordt juist bestreden door het kantoor. Een jaar later, in augustus 2023, ziet hij het anders. “Het feit dat voor beide onderdelen is gerekend met één fund flow, is waar het mijns inziens niet goed is gegaan.” Volgens de ondernemer erkent hij hier schuld. Het kantoor ontkent dat. Hij geeft alleen aan dat er iets is misgegaan, niet dat hij zelf de fout in ging.

Volgens het accountantskantoor zijn alle feiten al bekend en hoeft deze medewerker dus niet gehoord te worden. De rechtbank ziet dat, in het licht van hierboven beschreven e-mails, anders. Ze wil de medewerker bevragen op de beoordeling van de fund flow en equity bridge. Ook staat de vraag centraal of hij goedkeuring hiervoor gaf. Tevens moet er meer duidelijkheid komen over de advisering van de getuige over de intercompany-schulden en moet hij uitleg geven over wat hij bedoelde met zijn mail uit augustus 2023.

Dat getuigenverhoor zal dit voorjaar of deze zomer in de rechtbank plaatsvinden.

Gerelateerde artikelen