Doorhaling accountant verdachte goud- en schroothandelaar
De Accountantskamer heeft de externe accountant van metaal- en goudhandelaar IMT voor zes maanden uit het register geschrapt. Volgens de tuchtrechter schoot de RA ernstig tekort bij de controle van de jaarrekening 2020 van het bedrijf, terwijl de signalen van mogelijke fraude ‘evident aanwezig’ waren.
Volgens de tuchtrechters heeft de accountant ‘zeer zwak’ gehandeld bij de wettelijke controle van de jaarrekening 2020 van IMT. Met name rond de explosief gegroeide handel in goud identificeerde en beoordeelde hij de frauderisico’s onvoldoende en ontbrak het hem aan professioneel-kritische instelling. Ook schoot hij op basale punten tekort bij het verzamelen van voldoende en geschikte controle-informatie.
Exclusieve horloges
IMT begon in 2013 als handelaar in oude metalen, maar breidde de activiteiten in 2019 uit met goud en exclusieve horloges. De omzet schoot vervolgens omhoog van 11,7 miljoen euro in 2019 naar bijna 250 miljoen euro een jaar later. Alleen al in goud ging in 2020 circa 65 miljoen euro om.
Juist in die goudhandel lagen volgens de AFM tal van waarschuwingssignalen besloten. De sector geldt als gevoelig voor witwassen en btw-carrouselfraude vanwege de hoge waarde, beperkte omvang en grote verhandelbaarheid van goud.
Contante kasstromen
Daarnaast was bij het bedrijf uit Nieuwerkerk aan de IJssel sprake van vrijwel voortdurende contante kasstromen van bijna een half miljoen euro per maand, ontbraken essentiële gegevens over transacties en werden inkopen en verkopen van goud met elkaar gesaldeerd.
Ook was de volledige goudhandel in handen van één familielid van de directeur-grootaandeelhouder. Verder werd gewerkt met self-billing en vonden transporten plaats in de kofferbak van een auto.
Btw-fraude
Eind 2022 deed de FIOD een inval bij IMT wegens vermoedelijke btw-fraude. Inmiddels is het bedrijf daarvoor in hoger beroep veroordeeld. Daarnaast loopt nog een strafrechtelijk onderzoek naar mogelijke witwaspraktijken.
De AFM verweet de accountant dat hij deze signalen onvoldoende heeft onderkend en verwerkt in zijn controleaanpak. Hoewel hij uiteindelijk geen oordeel afgaf over de jaarrekening 2020, ontsloeg dat hem volgens de toezichthouder niet van de plicht om voldoende controle-informatie te verzamelen.
Onvoldoende diepgang
De Accountantskamer sluit zich daarbij aan. Volgens de uitspraak heeft de accountant de controle van de omzet uit goudtransacties ‘met onvoldoende diepgang’ uitgevoerd. Daardoor heeft hij het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid ernstig geschonden.
Tijdens de zitting eind vorig jaar erkende de RA al dat hij steken had laten vallen. Op de vraag van de voorzitter of hij te naïef was geweest, antwoordde hij: “Ik denk dat u daar gelijk in hebt.” Ook zei hij zich ‘rot te zijn geschrokken’ toen de inval bij IMT in 2022 breed in het nieuws kwam. “Ik ben misleid door de IMT-directie,” aldus de accountant.
Nauwelijks kennis hebben van
Volgens de accountant had hij zijn cliënt al in 2018 gewaarschuwd voor de grote risico’s en de lage marges in de goudhandel. Maar de AFM stelde daar tegenover dat hij nauwelijks kennis had van sectorspecifieke kenmerken zoals certificering, zuiverheidsgraden, wegingen en de veiligheidsmaatregelen rond transport en opslag van goud.
Het tuchtcollege constateert wel dat de accountant openheid heeft gegeven over zijn fouten. Zowel in zijn verweerschrift als tijdens de zitting heeft hij volgens de uitspraak eerlijk uiteengezet welke lessen hij uit de zaak heeft getrokken. Ook beschreef hij welke maatregelen hij en zijn kantoor inmiddels hebben genomen.
Onvoldoende expertise
Zo kijkt het accountantskantoor naar eigen zeggen kritischer naar nieuwe cliënten en worden bedrijven in sectoren waar onvoldoende expertise aanwezig is voortaan gemeden. Daarnaast heeft het kantoor afscheid genomen van meerdere zogenoemde hoogrisicoklanten. Volgens de RA ging het daarbij om grote klanten die samen goed waren voor ongeveer een derde van de kantooromzet.
Zijn advocaat noemde die opstelling tijdens de zitting ‘moedig’. “Hij stelt zich kwetsbaar op door toe te geven dat hij het anders had moeten doen. Dat vergt moed, wetende dat daar nog andere consequenties uit kunnen voortvloeien. Daarnaast heeft hij hard ingrepen in de organisatie. Ook dat vergt moed.”
Tekortkomingen te ernstig
Toch ziet de Accountantskamer daarin geen aanleiding om een lichtere maatregel op te leggen. Volgens de tuchtrechter mag van iedere accountant worden verwacht dat hij zelf voldoende maatregelen treft om de kwaliteit van zijn werk op niveau te houden. De tekortkomingen in de risicoanalyse en de controleaanpak zijn daarvoor te ernstig.
Daarbij wijzen de tuchtrechters erop dat accountants de afgelopen jaren nadrukkelijk zijn gewezen op hun rol bij het signaleren van fraude. Zo lanceerde de NBA in 2019 de campagne ‘Nederland rekent op zijn accountants’, waarin juist die verantwoordelijkheid centraal stond.
Wezenlijk doordrongen
Het zwaarst weegt voor het college dat de accountant, ondanks zijn erkenning achteraf, nog altijd onvoldoende lijkt te begrijpen wat er tijdens de controle precies van hem werd verlangd. “Het maatschappelijk verkeer moet erop kunnen vertrouwen dat wettelijke controles worden uitgevoerd in overeenstemming met de vereisten”, schrijft de Accountantskamer. Zij zegt er niet van overtuigd te zijn dat de RA “wezenlijk is doordrongen van de eisen die aan het werk van een controlerend accountant worden gesteld”.