Delta Lloyd: integriteit Emiel Roozen niet ter discussie

De Nederlandsche Bank (DNB) heeft Delta Lloyd een miljoenenboete opgelegd en wil dat financieel directeur Emiel Roozen vertrekt, omdat de verzekeraar volgens de centrale bank in 2012 vertrouwelijke informatie zou hebben gebruikt om een afdekking voor renterisico terug te brengen.
Delta Lloyd is het niet eens met de beslissing en stelt dat de informatie publiekelijk beschikbaar was. De onderneming noemt de maatregelen van DNB disproportioneel en zegt dat deze zijn gebaseerd op onjuiste aannames. Uit eigen onderzoek van het bedrijf zou zijn gebleken dat de ondernomen handelingen conform het risicobeleid waren en dat er geen regels zijn overtreden, in tegenstelling tot wat DNB heeft geconcludeerd. 
 
Het geschil tussen beide partijen zal nu via een rechtszaak worden beslist.
 
De opgelegde boete bedraagt in totaal 22,8 miljoen euro, bestaande uit een boetebedrag van 1,2 miljoen euro vermeerderd met het volgens DNB behaalde voordeel door Delta Lloyd van 21,6 miljoen euro. DNB wil dat CFO Roozen uiterlijk met ingang van 1 januari 2016 vertrekt.
 
In een conference call ter toelichting op de kwestie zegt voorzitter Jean Frijns van de Raad van Commissarissen van Delta Lloyd "volledige vertrouwen in Emiel Roozen te houden" en dat Roozen aanblijft als financieel directeur, zolang de zaak loopt en dat kan gezien de complexiteit van de rechtszaak nog maanden duren. Frijns benadrukt dat DNB niet twijfelt aan de integriteit van Roozen maar hem heeft afgekeurd op de competentie “beoordelingsvermogen’. 
 
De zaak draait om een verschil van opvatting over het karakter van de informatie op basis waarvan de afdekking voor renterisico is verlaagd, wat een week gebeurde voordat DNB een vaste rekenrente invoerde. DNB besloot op 2 juli 2012 om een vaste rekenrente (ook bekend als ultimate forward rate) in te stellen voor de berekening van verzekeringsverplichtingen met een looptijd langer dan twintig jaar. "We verschillen sterk van mening over wat vertrouwelijk is en wat niet. Wij denken dat het besluit was gebaseerd op publieke informatie", zegt Frijns.
Gerelateerde artikelen